Slimme initiatieven

Overal langs de landsgrenzen zijn er initiatieven, al dan niet met buitenlandse partners, om een impuls te geven aan grensoverschrijdende economie en arbeid. Een aantal van deze initiatieven wordt hier uitgelicht.

6. Arbeidsbemiddeling.png

Arbeidsbemiddeling

Netwerk slecht grenzen



Netwerken. Dat is de motor van het grensoverschrijdende project Arbeidsmarkt Noord van overheden, bedrijven en scholen in de Eems Dollard Regio (EDR). Duitse werkgevers raken zo bekend met de arbeidsmarkt en de waarde van werknemers in Nederland. In Limburg zet het Werkgeversservicepunt in op individueel maatwerk bij arbeidsbemiddeling naar Duitse bedrijven.


Onbekendheid en zeker ook vooroordelen vormen voor werkgevers en werknemers nu een onzichtbare grens tussen Duitsland en Nederland. Een Duitse werkgever is onbekend met de waarde van Nederlandse diploma’s, sollicitatieprocedures hier of verwachtingen van werknemers. Omgekeerd denken Nederlandse werknemers vaak dat gebrekkige Duitse taalvaardigheid werken daar onmogelijk maakt, of dat Duitse werkgevers reiskosten niet vergoeden.


“Arbeidsmarkt Noord wil de mindset aan beide zijden veranderen, bij werkgevers en werknemers”, legt Michiel Malewicz uit. Hij is adviseur van het GrensInfoPunt EDR. Dat is onderdeel van het Koepelproject Arbeidsmarkt Noord, de grensoverschrijdende samenwerking met diverse partners in de noordelijke grensregio.

Mond-tot-mondreclame

Belangrijk initiatief van GrensInfoPunt EDR is werkgeversadvisering: werkgevers krijgen onder die noemer maatwerkinformatie en advies. “Wanneer een Duitse werkgever een Nederlandse werknemer of stagiair over de vloer heeft, bouwt hij ervaring op die hij vervolgens kan delen binnen zijn netwerk. Om dat soort informatie gaat het.”
Omgekeerd neemt Arbeidsmarkt Noord met maatwerk schroom bij werkzoekenden weg. “Bijvoorbeeld door stagiairs te laten vertellen over hun ervaringen op hun school, zodat via mond-tot-mondreclame het beeld van Duitsland verandert.”

Arbeidsmarkt Noord wil de mindset aan beide zijden veranderen.


Moed en maatwerk

In Zuid-Limburg brengt Heike Kirchman, relatiemanager bij Podium24, het werkgeverservicepunt van Maastricht Heuvelland vraag en aanbod van laaggeschoold werk bij elkaar in Duitsland en Nederland. Kirchmann constateert weliswaar dat er drempels zijn om mensen over de grens aan het werk te krijgen, maar dat de meeste drempels niet zo moeilijk weg te nemen zijn. “Het gaat om moed. En om maatwerk.” Als iets niet past, dan maakt Kirchmann het passend.

Papierwerk op orde

Zelf benadert Kirchmann heel actief Duitse werkgevers en vertelt hen wat zij kunnen verwachten. Tegelijkertijd neemt ze de aarzelingen weg bij werknemers. “Ik zorg dat het papierwerk op orde is. Als het nodig is vertaal ik een CV. Daarnaast maak ik duidelijk wat je kunt verwachten tijdens een sollicitatiegesprek. En eventueel ga ik zelfs met een werkzoekende mee.“

‘Het gaat om moed, en om maatwerk.’

En die aanpak werkt. Zij ziet een uitstroom van werkzoekenden uit Maastricht Heuvelland. Kirchmann: “Het vertrouwen van Duitse werkgevers groeit. Voor Nederland betekent dat een forse besparing op uitgaven aan WW en bijstand.”

Meer informatie:

Grensinformatiepunt Eems-Dollard Regio

Werkgeverservicepunt Maastricht-Heuvelland

Leren over de grens

“Er loopt een landsgrens, maar die zie je niet. En aan de andere kant van de grens bevinden zich steden waar heel wat moois gebeurt.” Daarom moedigt Henk Zielstra, managing director Zorg en Welzijn Hogeschool Zeeland, zijn studenten aan om ook in Vlaanderen stage te lopen of te studeren. “Er groeit iets moois als mensen uit verschillende culturen bij elkaar komen en leren.”

6. Diploma-erkenning.jpg

Diploma-erkenning

Opleidingen zonder grenzen



Je studeerde met een 9 af, maar daarmee kun je niet per se in Duitsland werken. Vooral de Duitse definities voor erkenning van diploma’s zijn strenger dan de Nederlandse. Die systemen op elkaar afstemmen vergt jaren. Dat kan slimmer. Twee mooie voorbeelden.

Combi-opleiding


De Hogeschool Zeeland in Vlissingen kent een opleiding verpleegkunde, maar geen verloskunde. De Hogeschool Artesis Plantijn in Antwerpen wél, als ‘vroedkunde’. In 2002 kwamen HZ en Plantijn tot een curriculum waarbij Nederlandse studenten in Nederland en België studeren. “Het derde en vierde jaar is volledig in Antwerpen. Dan gaan de studenten ‘op kot’”, vertelt Henk Zielstra, manager van het cluster Zorg en Welzijn bij de Hogeschool Zeeland. Het vijfde jaar (het afstudeerjaar) is weer in Vlissingen.

‘Het derde en vierde jaar is volledig in Antwerpen. Dan gaan de studenten ‘op kot’.’

Dubbel bachelor

De eisen op de opleiding zijn hoog, maar afgestudeerden kunnen verschillende rollen vervullen, en verder invulling geven aan het vak. In de opleiding krijgen ze ook menswetenschappen, sociale vaardigheden, verpleegkundig rekenen, ethiek en sociologie. Zielstra: “Ze studeren af in een dubbel bachelor, waarmee ze in Nederland én België kunnen werken.”

Studenten volgen een opleiding in beide landen.



Dubbele kwalificering


“Heeft u geen certificaat?”
“Nee, in Nederland zijn niet alle opleidingen gecertificeerd. Daar gaat het om wat je kunt.”

“Maar hoe weet ik dan wat u kunt?”

Zomaar een gesprek tussen een Nederlandse werknemer en een Duitse werkgever. Dat hoeft niet meer op deze manier, vonden het Alfa College in Hardenberg en het BTZ des Handwerks in Nordhorn. In het project ‘Dubbele kwalificering, dubbele kansen’ matchten zij opleidingen aan de eisen van zowel het centraal register beroepsonderwijs als de Ausbildungsverordnung en Ausbildungsrahmenplan. Studenten volgen een opleiding in beide landen. Met een diploma dat in beide landen geldt, kunnen werknemers aan beide kanten van de grens werken.
“In Duitsland heb je met een Nederlands diploma altijd extra leergangen of praktijk nodig bovenop je Nederlandse opleiding”, legt Mirko Wohlrabe van het Alfa College uit. “Dat hebben we verwerkt in het keuzedeel van de opleiding.”
Resultaat is meer keuze in opleidingsplekken, nieuwe taalkennis, een andere arbeidscultuur en binding van vakmensen aan de regio.

Social Impact Bond

Werken over de grens

“In Enschede is in 2016 een Social Impact Bond (SIB) opgericht om 138 werkzoekenden intensief te begeleiden naar beschikbare banen aan de andere kant van de grens”, vertelt Tjalling de Vries, adviseur Sturing en Bekostiging bij de gemeente Enschede. “ABN-Amro en Start Foundation zijn de investeerders. Zij sturen een uitvoerder aan. De uitvoerder zorgt voor trainingen, stages en diploma-erkenning. De vorm is nieuw. En dat is spannend.”

6. Grensarbeid.png

Informatie voor werkzoekenden

Grensarbeid = Grenzarbeit

Vanuit een gebouw pal op de Duitse grens bij Kerkrade kijken UWV en zijn Duitse evenknie Bundesagentur für Arbeit met werkzoekenden over de grens voor een baan. Tegelijk bespreken en behandelen zij de binnenkomende verzoeken. En met workshops begeleiden ze de werkzoekenden. Ze zijn nog geen half jaar bezig, en de eerste successen zijn er al.

Twaalf kilometer van Kerkrade staat een grote bakkerij, die brood bakt voor de Lidl, de firma Bonback. Bonback heeft genoeg werk, maar de bakkerij staat in Duitsland. In de systemen voor Limburgse werkzoekenden komt het bedrijf niet snel bovendrijven. Maar Miek Cremers van UWV weet er inmiddels wel van. Zijn Duitse collega van de Bundesagentur für Arbeit (BfA), die tegenover hem zit, tipte hem. De Lidl gaf een presentatie op het kantoor van UWV en BfA. Daarna konden zeven mensen aan het werk bij Bonback.

‘In Nederland zetten we bijvoorbeeld een profielschets in ons cv. Dat kennen Duitsers niet.’

Grensarbeid/Grenzarbeid

Het project Grensarbeid/Grenzarbeit in Kerkrade/Herzogenrath richt zich vooral op oudere werklozen die jarenlang bij dezelfde werkgever werkten. “Jongeren lopen al stage in Duitsland en vinden hun weg”, zegt Cremers. De oudere werknemer aarzelt vaker: welke gevolgen heeft werken in Duitsland voor de belastingen, mijn hypotheek, arbeidsrechten, kortom allerlei opgebouwde zekerheden? Dankzij de korte lijntjes met de BfA en hun Duitse netwerk kan Cremers met informatie op maat onzekerheden wegnemen. Zijn Duitse collega Egon Vanwersch geeft de Nederlandse werkzoekenden tips: waarop moet je letten bij een Duitse sollicitatiebrief en cv. Andersom geeft Cremers de Duitse werknemers advies. “In Nederland zetten we bijvoorbeeld een profielschets - waarin je kort omschrijft wie je bent en wat je wilt - in ons cv. Dat kennen Duitsers niet.”

Omscholing

Een voorbeeld uit de praktijk is van de Nederlandse vrouw die haar baan kwijtraakte in Duitsland. Ze vroeg zich af, van wie ze een uitkering kreeg. En moest ze nou weer in Duitsland werk zoeken? UWV en BfA spraken af dat UWV de uitkering doorbetaalt. In Duitsland is er veel vraag naar personeel in de kinderopvang. Daarom zorgt BfA voor haar omscholing tot Kindererzieherin.

Grote stap

Mòet een uitkeringsgerechtigde een baan in Duitsland accepteren? “Nee”, zegt Cremers, “voor veel mensen is werken in het buitenland een grote stap; dat kun je niet verplichten.” Maar werken over de grens biedt wel nieuwe perspectieven. En vaak hoeven de mensen er niet veel verder voor te reizen. Als ze maar weten waar ze aan toe zijn. Daar zorgen Cremers en zijn Duitse collega VanWersch voor.

‘Werken over de grens biedt nieuwe perspectieven.’

Grens/zinfopunkt

Naast UWV en BfA geeft ook het Grens/zinfopunkt informatie. Dat is er voor burgers en bedrijven die over de grens (willen) werken. Zoveel mogelijk op maat proberen ze te helpen bij vragen over o.a. arbeidsvoorwaarden, belastingen, hypotheekrente-aftrek, wetgeving en pensioen.

Internationales Netzwerkbüro

“Duitse ondernemers hebben behoefte aan zekerheid. Nederlanders zijn avontuurlijker. Dat hoeft geen probleem te zijn. Het kan elkaar versterken.” Met branchegerichte bijeenkomsten brengt Ronald Cieraad Duitse en Nederlandse ondernemers samen door het project "Internationales Netzwerkbüro" van de gemeente Oude IJsselstreek en de stad Bocholt.

company.jpg

Grenzeloos ondernemen

Na een zetje volgen mogelijkheden

Ondernemen in het buitenland vergroot niet alleen je mogelijkheden, maar maakt je ook beter als ondernemer. Je doet tegelijk aan risicospreiding. Ondernemers kijken echter nog vaak niet verder dan de grens. Ze hebben een zetje nodig.

Ondernemer Henk ten Dolle uit Winterswijk begon zijn carrière met een mazzeltje. Zijn Nederlandse diploma werd niet erkend bij Siemens in Bocholt, waar hij als achttienjarige wilde werken. Maar hij sprak wel vloeiend Duits en werd dus aangenomen.

Dankzij zijn bekendheid met Duitsland haalt hij met zijn eigen bedrijf Dollwin/Palio meer dan de helft van zijn omzet uit Duitsland. Hoe hem dat is gelukt? “’s Morgens op tijd weg. Dan ben je ook weer op tijd thuis zodat je uitgerust aan de volgende werkdag begint. En naast mijn werk werd ik lid van businessclubs in Duitsland. Dan leer je mensen kennen.”

‘Als je vandaag niet actief bent over de grens, besta je morgen niet meer.’

Exportcarrousels

Henk zien ze graag in de zogenaamde Exportcarrousels die ze in de Achterhoek willen opzetten. Idee daarvan is dat ondernemers aan gesprekstafels ervaringen uitwisselen over ondernemen in het buitenland. In Noord-Nederland bestaan dergelijke carrousels al. In de ‘Uitvoeringsagenda Achterhoek 2020’ uit 2014 stond de wens voor een Achterhoekse variant, waar ondernemers hun kennis en ervaring in Duitsland kunnen delen.

De aanpak in de Achterhoek kenmerkt zich door concrete acties die gericht zijn op de arbeidsmarkt, geen hoogdravende noviteiten. Zo bleek de Westfälische Hochschule in Bocholt de opleidingen te geven waaraan in de Achterhoek behoefte is. Deze hogeschool levert nu studenten aan diverse innovatiecentra in de Achterhoek.

‘Ondernemers hebben een zetje nodig. Er zijn zat instanties die dat kunnen geven.’

Beter, innovatiever

Armand Vliegen schreef het boek ‘Go; grenzeloos ondernemen’. ‘Als je vandaag niet actief bent over de grens, besta je morgen niet meer’, is zijn stelling. Op termijn halen Nederlandse ondernemers namelijk vaak het merendeel van hun omzet over de grens. Zoals uitzendorganisatie Flexpoint of technisch bureau Mediaan.

“Ondernemers hebben echter een zetje nodig”, weet Armand. “Er zijn zat instanties die dat kunnen geven.” Hij noemt het voorbeeld van de Vlaamse overheid die 3.600 euro subsidie gaf aan bedrijven om op een bedrijvencontactbeurs in Goes te staan, terwijl de stand 1.500 euro kostte. Zo kon er ook worden geïnvesteerd in aankleding en bemensing. Zo doen ze dat daar.”

Eurolab

Hoe zorg je er voor dat je als ondernemer of kennisinstelling in een grensgebied de kansen aan de andere zijde van de grens grijpt en niet blijft steken in de obstakels die een landsgrens soms opwerpt? In de City Deal Eurolab werken Nederlandse, Duitse en Belgische steden uit de Euregio Maas-Rijn samen met private partijen, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties om dit doel te realiseren. Bij een Eurolab-bijeenkomst analyseren alle betrokken actoren de grensoverschrijdende kans of uitdaging en voorzien die van concrete oplossingen en acties.

6. Buurtaal 2.png

Ler(n)ende Euregio

Buurtaal: bekend maakt bemind

Duitse en Nederlandse studenten die samen een wasstraat ontwerpen, of met elkaar strijden om de titel ‘Euregionale verkoper van het jaar’. Het zijn voorbeelden van de Ler(n)ende Euregio. Ook in Venlo wordt werk gemaakt van het aanleren van buurtaal.

Duitsland is al de grootste handelspartner van Nederland, maar zal dat mogelijk nog meer worden, met de Brexit en het ‘America First’-beleid van Trump. Jongeren hebben echter minder notie van de Duitse taal en cultuur dan vroeger. Zonde, want hun baan kan vlak over de grens liggen.

Wasstraat

De Ler(n)ende Euregio brengt al vijftien jaar scholen in het Rijn-Waalgebied (Arnhem, Nijmegen, Kleve, Duisburg, Wesel) met elkaar in contact. Via een website. Vervolgens maakt Ler(n)ende Euregio het mogelijk om met studenten een partnerschool over de grens te bezoeken, voor kennismaking en om verschillen en overeenkomsten te ontdekken. Bij een klik kan er een tandemproject ontstaan.

De ‘Wasstraat’ is zo’n tandemproject: studenten van de opleiding Mechatronica in Duisburg en ROC Nijmegen ontwierpen samen een wasstraat. Technisch interessant, maar vooral ook omdat ze door de samenwerking meer vertrouwd raakten met leeftijdgenoten uit een ander land.

Euregionale verkoper

In de wedstrijd Euregionale verkoper van het jaar – een ander tandemproject - leren studenten de cultuur van het andere land door zo goed mogelijk een product aan de ander te verkopen. “In Duitsland weet de verkoper vaak alles van het product, terwijl de Nederlandse verkoper meer op beleving is gericht”, legt Paul Marcelis, projectleider van de Ler(n)ende Euregio, uit. In platforms spreken scholen uit Nederland en Duitsland met gemeenschappelijke opleidingen over projecten die ze samen met het bedrijfsleven kunnen oppakken.

Vertaalapps

De Ler(n)ende Euregio zorgt ook voor ‘geautoriseerde beschrijvingen’: flyers die Duitse werkgevers uitleggen wat een Nederlands diploma inhoudt. Onbekendheid over kwaliteiten kan dan geen hinder meer zijn. Momenteel ontwikkelt de Ler(n)ende Euregio diverse apps. Zoals een ‘vertaalgids’ voor Duitse en Belgische signalen op de binnenvaart, maar ook komen er vertaalapps voor verschillende beroepen en branches.

Tweetalig onderwijs

In Venlo wordt sinds ruim een jaar werk gemaakt van het aanleren van buurtaal, als eerste stap naar arbeid of een studie over de grens. Jos Lamberts, beleidsadviseur: “Het spreken van die andere taal – lees: Duits - is enorm belangrijk. Kan je dat niet, dan krijg je vaak al een negatieve aantekening bij een sollicitatie over de grens.”

En dus zoekt de gemeente samen met schoolbesturen in de regio naar mogelijkheden om Duits, bijvoorbeeld via tweetalig onderwijs, weer bij jongeren tussen de oren te krijgen. Al in het primaire onderwijs. Lamberts: “Belangrijke succesfactor is dat we de leerkracht daarbij ontzorgen, want die moet al zo veel. Hoe? De docent stelt de klas beschikbaar en wij zorgen voor het programma. Zo simpel is dat.”

Veelbelovend

De eerste resultaten zijn veelbelovend. Lamberts: “Om verder te komen gaan we de stof nog dichter op de huid van de leerlingen aanbieden, meer de publiciteit zoeken, ouders en leerlingen meer betrekken en behalve taal ook inzetten op cultuur.”

Een mooi voorbeeld van hoe buurtaal kan worden aangeboden is de samenwerking tussen een Venlose school en drie scholen uit het Duitse Nettetal. Daarbij worden thema’s meertalig aangeboden, op de huid van de doelgroep. Zoals bij dit filmpje, getiteld ‘ De Ontmoeting / Die Begegnung’