Duurzaam aantrekken en inzetten van nieuwe Limburgers

Om in de groeiende vraag naar arbeidskrachten te voorzien, hebben we nu en in de toekomst ook mensen van buiten Limburg nodig. Nieuwe Limburgers, die (voor langere tijd) in onze provincie willen werken en wonen: seizoenarbeiders, kenniswerkers en statushouders. Want zonder arbeidsmigratie geen bloeiende economie.

Statushouders sneller aan het werk


Duurzaam aantrekken en inzetten van nieuwe Limburgers, hoe doe je dat? Welke vraagstukken spelen bij de inburgering? En hoe vergemakkelijken we de stap naar de arbeidsmarkt voor Statushouders? Wat loopt goed? Zijn er keerzijdes? Hoe los je die op? Tijdens de Limburgse Arbeidsmarktdag ‘Anders kijken, anders doen’, op 24 mei in Roermond, gingen bezoekers daar met elkaar over in gesprek. De resultaten vervat in een kort filmverslag.

De Limburger is gehecht aan zijn provincie en gaat de grens niet over

Fotografie Eelkje Colmjon

Limburgers werken maar weinig over de grens. Dat is een belangrijke conclusie uit het onderzoek van Inge Hooijen (Research Centre for Education and the Labour Market (ROA) aan Maastricht University en NEIMED) en Julia Reinold (Institute for Transnational and Euregional Cross border cooperation and Mobility (ITEM) en de Maastricht Graduate School of Gouvernante ).

Sinds 2016 is de krimp in Limburg gekeerd. De bevolking is in 2016 met 1% toegenomen Limburg. Dat komt niet door een natuurlijke aanwas, maar door een groei van het aantal migranten: door (arbeid)migranten uit bijvoorbeeld Oost-Europa en asielmigranten. 
Gemeenten als Beek, Leudal en Nuth zagen hun bevolking met meer dan 7 procent afnemen, terwijl Eijsden-Margraten, Roermond, Vaals en Venray een toename van meer dan 7 procent hadden in 2016.

De provincie kent, samen met Zeeland, de laagste mobiliteit van mensen. ‘Zachte’ redenen, zoals de levenskwaliteit, regionale bekendheid en sociale factoren blijken vaak een belangrijke rol te spelen voor vestiging in Limburg. Om talent te behouden en aan te trekken zou juist op die aantrekkelijke kanten van de provincie gewezen kunnen worden, stellen de onderzoekers Hooijen en Reinold.

Onbekendheid
Hoewel Limburg meer aan België en Duitsland grenst dan aan de rest van Nederland, werken Limburgers weinig over de grens. Ondanks de bestuurlijke samenwerking tussen de landen in de Eurregio’s en de vraag naar werknemers daar. Naast de taalbarrière zijn erkenning van certificaten en onbekendheid over de mogelijkheden daar debet aan. Volgens de onderzoekers moet daar regionaal meer aandacht naartoe, met name in de richting van studenten.

5. Joost Reinaerts

Dit vind ik ervan

Joost Reinaerts, regionaal beleidsadviseur UWV:

‘Verrast door de cijfers’

“De resultaten van het onderzoek verbazen me, als het gaat over werken over de grens. Die zijn negatiever dan wij dachten. Bij ons is juist veel vraag naar werken in Duitsland. Maar werkzoekenden denken dan dat de Duitse taal een beletsel is. Mogelijk komt het verschil doordat het onderzoek afgestudeerden betreft. Kenniswerkers vinden door hun talenkennis vaak wel hun weg. Ik ga dit verder uitzoeken.”