Een tegen een

 

‘Om het aantal verkeersdoden in 2020 onder de 500 te krijgen, zijn draconische maatregelen nodig’. Deze stelling leggen we voor aan bezoekers van het NVVC2016. Twee verslagen van een-tegen-een gesprekken.

Willem: “Volgens mij gaat het best goed met de verkeersveiligheid. Ontwikkelingen in de techniek zorgen ervoor dat de risico’s steeds kleiner worden. Denk aan radar, sensoren en het uitschakelen van het menselijk handelen. Draconische maatregelen lijken mij dus niet nodig.”

 

Ildikó: “Ook komen de risico’s gelukkig steeds meer in ons collectieve bewustzijn terecht. Neem de risico’s van mobieltjes in het verkeer: daar komt steeds meer aandacht voor.”

 

Willem: “Kijk bijvoorbeeld ook naar zaken als rijbaansignalering. Door al dat soort ontwikkelingen heb ik het gevoel dat we nog een extra slag kunnen slaan.”

 

Ildikó: “Wel vind ik dat we draconische maatregelen moeten nemen als het gaat om alcohol. Dat is de meest gebruikte legale drug met enorme maatschappelijke schade. Dat zouden we niet meer moeten accepteren.”

 

Willem: “Mee eens. Ik vind ook dat er een verschil in strafmaat moet komen tussen gewone ongevallen en ongevallen die ontstaan omdat er een bewust risico wordt genomen.”

 

Ildikó: “Maar laten we ook realistisch zijn: heel veel minder slachtoffers gaan we niet halen. Dat is de prijs van onze vrijheid: dan moet je accepteren dat mensen soms dingen doen die niet wenselijk zijn.”

 

Willem: “Soms willen we als Nederland het braafste jongetje van de wereld zijn. Ik denk dan: moeten we hier nog heel veel extra in investeren als je dat afzet tegen bijvoorbeeld noodzakelijke verbeteringen van de wereldwijde gezondheidszorg? Die afweging moet zeker ook meetellen.”

Tim Adema (senior adviseur Roelofs Groep) en Saskia de Craen (gedragswetenschapper SWOV)

Saskia: “Tja, wat is draconisch? De brommerhelm, de snelheidslimiet, de veiligheidsgordel. Mensen vonden dat toen ook draconisch, maar we vinden dat soort maatregelen nu heel normaal. Nu zouden mensen de fietshelm draconisch kunnen vinden, want dat zit helemaal niet in onze fietscultuur. Of in de hele bebouwde kom dertig kilometer als limiet.”

 

Tim: “Het bureau waarvoor ik werk richt zich op infrastructurele adviezen, maar ook wij zien in dat er méér nodig is. Bijvoorbeeld integratie van de aandacht voor gedrag, van fysieke maatregelen en van ondersteuning in auto’s. Betrek ook gezondheid, recreatie en onderwijs bij je maatregelen.”

 

Saskia: “Ik denk dat het te vrijblijvend is om verkeersveiligheid over te laten aan de burger. Als je echt die doelstelling wilt halen, zijn draconische maatregelen misschien wel nodig."

 

Tim: “Moet je dan vaker handhaven?”

 

Saskia: “Ja, meer handhaven. Of bijvoorbeeld toch de fietshelm verplichten. Begin met de kinderen. Dan wordt het ook makkelijker om volwassenen zover te krijgen.”

 

Tim: “Dus dan ga je als overheid toch gedrag afdwingen? In dat geval kun je ook denken aan een begrenzer in de auto voor gebieden waar je maar dertig kilometer per uur mag.”

 

Saskia: “Draconische maatregelen in het verleden werden opeens wél mogelijk toen urgentie gevoeld werd. Dat urgentiegevoel mist nu. Logisch, want alles was altijd goed geregeld in Nederland, terwijl we nu juist in de lijstjes zakken. Als je de doelstelling wilt halen, ben je te laat als je wacht totdat het urgentiegevoel weer terug is bij burgers.”

 

Ildikó Joó (provincie Utrecht) en Willem Bosch (gemeente Zwolle)