
De afgelopen jaren hebben het OM en de reclassering flink ingezet op het verbeteren van de onderlinge samenwerking. Een pittig traject dat nog in volle gang is en waarbinnen mooie stappen worden gezet. Kwalitatief betere afdoening van zaken en het voorkomen van recidive zijn enkele uitgangspunten. Duidelijk is dat (vroegtijdig) contact over en weer en inzicht in elkaars expertise veel voordelen kent. Zo sta je als officier sterker op zitting. Met een kwalitatief beter afgestemd rapport en de juiste vraagstellingen. Door korte lijnen met reclassering en toezichthouders blijf je daarnaast tot de gang naar de rechtbank up-to-date. Voor de reclassering levert deze betrokken manier van samenwerken ook een betere inzet op van de schaarse capaciteit.
Het OM en de reclassering hadden lange tijd een ‘papieren relatie’. Een aanvraag voor een reclasseringsrapportage kwam tot stand door het zetten van ‘vinkjes’ in JD Online door een administratief medewerker. De leefgebieden werden aangevinkt en er was vaak geen toelichting. Een keurige reclasseringsrapportage werd geleverd 2 weken voor zitting. Soms bevatte de rapportage niet de informatie die de OvJ eigenlijk had willen weten. Een ander keer was de rapportage juist te uitgebreid en werd alleen de samenvatting gebruikt. Kortom een inefficiënte inzet van capaciteit, energie en kennis.
Om te komen tot een professionele samenwerking is juist een motivatie van de reclasseringsrapportage nodig. Zo krijg je de daadwerkelijke informatiebehoefte scherper. Ook meer contact tussen OvJ/beoordelaar en reclasseringswerker zijn van belang in die zaken waarbij er vragen of onduidelijkheden over en weer zijn. In diverse regio’s blijkt dat dit tot een kwaliteitsverbetering leidt. Door het stellen van de juiste informatievraag en onderling contact kan de reclassering nog gerichter adviseren. Dat komt de kwaliteit van de rapportage en uiteindelijk de afdoening ten goede. Bovendien ontstaat door meer overleg ook meer begrip voor elkaars professionele (on)mogelijkheden. Bij ZSM is deze werkwijze geen nieuws. Binnen de onderzoeksomgeving is dit nog niet zo vanzelfsprekend.
Een reclasseringsadvies draagt bij aan een goede inhoudelijke strafrechtelijke beslissing. Een goede beslissing sluit aan op het delict, maar ook op de risico’s en op de problematiek van de cliënt. In een advies wordt antwoord gegeven op de vraag van jou als officier over welke interventies en bijzondere voorwaarden nodig zijn, wat de achterliggende problematiek is en/of het recidiverisico. Het uiteindelijke gezamenlijke doel is om de kans op recidive te beperken. In het advies wordt beschreven wat daar voor nodig is: Hoe kan de cliënt zijn gedrag leren te veranderen? Wat zijn de mogelijkheden om de risico's op korte termijn beperken? Wat heeft de cliënt nodig voor resocialisatie?
"Winst tot betere samenwerking zit in de kleine dingen. Beschik jij bijvoorbeeld over het telefoonnummer van de reclasseringswerker en beschikt hij over jouw gegevens?"
Hoe komt het advies door de reclassering tot stand?
De reclasseringswerker maakt een inschatting van de problemen, risico’s en de mogelijkheden van de cliënt en hij/zij doet dit door:
Te onderzoeken welke criminogene factoren invloed hebben op het delictgedrag;
Te onderzoeken of er mogelijk beschermende factoren zijn die risico’s kunnen verminderen.
De RISC is een nieuw risicotaxatie- en adviesinstrument waar de drie reclasseringsorganisaties sinds mei 2018 mee werken.
Er zijn in het land ervaringen opgedaan met of ideeën voor aanwezigheid van de reclassering op het parket. Door aanwezigheid van de reclassering op de parketten kan een officier snel in contact treden met de reclassering en vice versa. In parket Oost-Nederland is in september 2018 gestart met een pilot om hiermee ervaringen op te doen. Eind maart zullen de opbrengsten hiervan inzichtelijk zijn. We nemen deze mee in de volgende nieuwsbrief. Bij een positieve opbrengst kunnen andere parketten dit ook organiseren
Landelijke ervaringen reclassering:
''Door Ruim Baan is de reclassering minder in kaders gaan denken en meer in creatieve mogelijkheden. De samenwerking met de reclassering vind ik sowieso de laatste jaren verbeterd. De reclassering is zich meer gaan ontwikkelen in het geven van mondeling advies en is meer in staat om niet af te wachten op een vraag van het OM maar om zelf initiatieven te tonen." – Petra Smit – Officier van Justitie (Amsterdam)
Korte lijnen, snelheid en maatwerk – Michelle van der Helm, Officier van Justitie (Rotterdam)