Minimumnormen Straf met Zorg

Papier versus praktijk

Kim den Boer (Landelijk implementatiecoördinator Straf met Zorg) en Manon Nooteboom (Sr. coördinerend beleidsadviseur Straf met Zorg), lichten twee minimumnormen uit die in de praktijk soms lastiger zijn dan ze op papier overkomen. Wat wordt bedoeld met warme overdracht? En welke informatie uit het zorg- en sociaal domein heeft het OM nodig voor een goede strafrechtelijke afdoening?

De minimumnormen vormen de basis voor het handelen en het werk van de OM-professional in zaken met een zorgcomponent.

“In zaken die niet bewijsbaar zijn maar er wel aantoonbare zorg is, draagt de professional de zaak warm over aan politie, de 3RO of Veilig Thuis of maakt een melding bij het Zorg en Veiligheidshuis.” (Minimumnorm 1.1)
Kim den Boer: "In de praktijk horen we van collega's dat ze de term ‘warme overdracht’ lastig vinden. Wanneer deel je informatie en welke informatie mag gedeeld worden met andere organisaties? En is dit eigenlijk wel de verantwoordelijkheid van het OM? Bijvoorbeeld bij een winkeldiefstal door een persoon met verward gedrag die instroomt bij ZSM. Uiteindelijk blijkt de zaak niet bewijsbaar, terwijl de officier van justitie wel zorgen heeft over de veiligheid van verdachte en/of omgeving."

Niet-pluis gevoel

"De warme overdracht zoals in de norm beschreven, betekent niet dat we het hele pakket aan informatie overdragen aan bijvoorbeeld een wijkteam van de gemeente. In het geval van een sepot mag dat wettelijk ook helemaal niet. Het gaat er vooral om dat we het ‘niet-pluis-gevoel’, dat veel OM'ers wel eens voelen, bespreekbaar maken met ZSM-partners. Even die vraag stellen of de politie wel een lijntje gelegd heeft met een wijkteam of iemand een zorgmelding heeft gedaan bij Veilig Thuis. En als een zaak ernstig is deze melden bij het Zorg- en Veiligheidshuis. Dat laatste zou nog vaker kunnen dan we nu zien gebeuren."

Mooie voorbeelden

Manon en Kim lichten toe dat er lokaal mooie voorbeelden zijn hoe die ‘warme overdracht’ makkelijker te maken. Zo kunnen OM'ers bij het parket Midden-Nederland dit soort zaken aanmelden bij speciale PGA-teams van de gemeenten. En in Noord-Nederland zijn afspraken met de reclassering die deze zaken adresseert bij samenwerkingspartners in het zorg- en sociaal domein. "We verwachten na de zomer collega's te voorzien van meer concrete informatie die helpt bij het warm overdragen van zaken."

“De wettelijk adviserende instanties (3RO/RvdK) zijn de schakel tussen het OM en het sociaal domein.” (Minimumnorm 2)
Manon Nooteboom: “Voor het OM kan informatie uit het sociaal domein of de zorg van belang zijn voor beslissingen die de officier van justitie moet nemen in verschillende fases van het strafproces. Niet alle informatie kan door het OM worden betrokken bij de strafrechtelijke afdoening. Dat kan alleen als deze informatie gerelateerd is aan het gepleegde delict. In de recent gemaakte samenwerkingsafspraken met de reclassering is deze aanscherping al meegenomen. Bij lichte delicten en ‘first offenders’ komt al snel de proportionaliteit in het geding bij het opleggen van op zorg gerichte voorwaarden. Het OM kan met het strafrecht ook geen problemen als lange wachtlijsten in de zorg of het tekort aan plekken in instellingen oplossen. Daar moeten we heel duidelijk in zijn, om te voorkomen dat we verkeerde verwachtingen wekken.”

Aanvraagformulier

"Dit vraagt van OM'ers dat ze in het aanvraagformulier voor een rapportage duidelijk moeten aangeven wat ze willen weten.
In gesprekken met de beleidsadviseurs SmZ en reclasseringsofficieren hebben we duidelijke voorbeelden opgehaald van informatie uit het sociaal domein en de zorg, die voor de beslissing van de officier van justitie relevant kan zijn:

  • Is er een ‘stijgende’ of een ‘neerwaartse’ lijn in de situatie van de verdachte?
  • Is er vrijwillige hulpverlening? Hoe loopt een opgestarte behandeling? Wordt deze mogelijk onderbroken door een strafrechtelijk traject? De gevolgen van het al dan niet schorsen van de voorlopige hechtenis kan met informatie uit het sociaal domein soms beter in beeld worden gebracht.
  • Plannen van aanpak of adviezen van een Zorg- en Veiligheidshuis of een ander ketenoverleg en informatie vanuit Veilig Thuis.
    "De komende tijd gaan OM, reclassering, RvdK en het Ministerie van J&V verder met de concretisering van deze minimumnorm, om zo concrete afspraken en handvatten te maken voor de OM'ers en hen te ontzorgen in hun dagelijkse werk."

Meer weten over de minimumnormen Straf met Zorg?

Heb je vragen over deze minimumnormen? Neem contact op met je lokale beleidsadviseur Straf met Zorg of mail Kim/Manon via strafmetzorg@om.nl