'Alsof de duivel ermee speelt'

Leestijd: 5 min

Yannick staat op een halve meter afstand van zijn oma en bedreigt haar met een mes. Er is een djinn in haar, denkt hij. Oma is bang. Bang dat haar kleinzoon haar iets aan zal doen. Hij zegt tegen zijn oma dat ze weg moet gaan, omdat hij haar anders neersteekt.

Yannick is een paar weken eerder ontslagen uit de Heldringstichting. Een stichting voor jongeren met ernstige gedrags- en/of psychische problematiek. Zonder plan van aanpak, huisvesting, behandeling en/of inkomen. Yannick is 18 jaar geworden en moet zichzelf redden. Zijn ouders kunnen hem echter niet aan. Zodoende komt de jongen bij zijn oma terecht. Oma doet de dag na de bedreiging aangifte. Via ZSM komt de zaak terecht bij BOPZ-officier Geert Steeghs. Het is voor hem duidelijk dat de jongen in deze staat een bedreiging vormt voor zijn omgeving. Een gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis zou oma en de maatschappij beschermen zolang Yannick in deze psychotische staat verkeerd. Geert gaat voor twee ankers liggen. Aan een schorsing naar een kliniek gaat Yannick niet meewerken. Geert werkt daarom tijdens de voorlopige hechtenis toe naar een artikel 37-maatregel in het kader van het strafrecht. Tegelijkertijd onderzoekt hij of een rechterlijke machtiging in het kader van een BOPZ mogelijk is.

Niet ingeschreven

De jongeman woont bij zijn oma, maar staat niet ingeschreven bij de gemeente. En zonder inschrijving zegt de huisarts geen doorverwijzing te kunnen geven naar de psychiater. Er verstrijkt hierdoor kostbare tijd. Met spoed wordt daarop een IBS in het kader van de BOPZ gevraagd bij de FOBA waar Yannick verblijft. Deze wordt niet afgegeven. Dit mede omdat de IBS dan niet in de regio waar Yannick woont zal zijn. Zonder zicht op adequate behandeling laten ze Yannick weer vrij en dat betekent terug naar oma tot de uitspraak van de rechter. Er wordt geen psychiater gevonden die een beoordeling kan doen in het kader van de BOPZ. Dankzij intensieve bemoeienis van het veiligheidshuis, politie en ambulante zorgverleners die dagelijks bij hem langs gaan en hem helpen met de inschrijving bij de gemeente, het verkrijgen van een ID en het verkrijgen van medicatie blijft het redelijk rustig.

Winkeldiefstal

“Gelukkig” pleegt Yannick dan een aantal winkeldiefstallen waardoor hij weer vast komt te zitten. Geert verzoekt de rechtbank om te kiezen uit drie juridische mogelijkheden om de jongen gedwongen te laten behandelen. Via jeugd-tbs, het opleggen van tbs of het opleggen van gedwongen opname voor tenminste één jaar.

Volledig ontoerekeningsvatbaar

Yannick wordt uiteindelijk ontslagen van rechtsvervolging, omdat hij volledig ontoerekeningsvatbaar is. Daarbij wordt de 37 maatregel, plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor de duur van een jaar opgelegd.

De hoop is dat Yannick na een jaar behandeling in een strafrechtelijk kader doorstroomt naar een adequate begeleiding in een civiel kader waardoor de continuïteit van zorg is gegarandeerd. Echter als hij vrijkomt is hij nog steeds een kwetsbare jonge volwassene die hulp nodig heeft. Een 18-plusser die naar alle waarschijnlijkheid nog niet in staat is om zich zelfstandig zonder hulp te redden in deze maatschappij. En wie vangt hem dan op?

STELLING

‘Optimaal veiligheid bieden aan slachtoffers, daders en maatschappij kan alleen als je samen over de grenzen van de eigen verantwoordelijkheid heen durft te kijken en casusgericht meedenkt en schakelt’

EENS
ONEENS