Collega’s over Straf met Zorg: dilemma’s en successen uit de praktijk

Hoe kom je Straf met Zorg tegen in de praktijk? Wat vraagt dat van jou als professional? Het kernverhaal Straf met Zorg vormt de basis voor het thema Straf met Zorg.

Maar hoe ga je hier als OM-professional mee om in je dagelijks werk?

Collega’s Janine Berton, Alexander Bijl, Tom Lijffijt en Rinus Otte geven vanuit hun ervaringen en expertise antwoord op vragen als: welke dilemma’s kom je tegen bij het toevoegen van zorg bij een straf?

Wie heb je nodig om die op te lossen? Wat moet je goed op orde hebben in de samenwerking? Wat is cruciaal voor goede samenwerking met partners uit het sociaal domein? En wat verdient in het bijzonder de aandacht bij toepassen van het proportionaliteitsbeginsel bij het straffen met zorg?

Wat vraagt het van houding en gedrag van een OM-professional om bij de juiste informatie te komen als je kiest om zorg toe te voegen aan een straf?

Alexander Bijl, OvJ/teamleider ZSM Rotterdam:
“Als OvJ dacht ik vroeger, in bijvoorbeeld 2009, dat ik een heel breed perspectief had ten aanzien van de (complexe) leefwereld van een verdachte als ik een zogenaamd vroeghulp-rapport had van de Reclassering. Eerbiedig bedoeld: dat was een ‘quick scan rapport’ dat de Rechter-Commissaris kon gebruiken ten behoeve van de voorgeleiding. Die overtuiging begon danig te wankelen toen ik betrokken raakte bij de ZSM. En inmiddels weet ik het zeker; het was een volkómen illusie te denken dat we een min of meer volledig beeld hadden.

Nu weet ik dat eigenlijk alleen de brede input van zo diverse partners die betrokken zijn in het kader van de ZSM/VHH kan leiden tot een (systeem)aanpak op de verschillende gebieden van de leefwereld van een verdachte. De aanpak moet gewoon vaak zien op een combinatie van maatregelen op het gebied van straf, zorg én sociaal domein. Over een omslag in denken gesproken!

Het werken in een netwerkomgeving met ketenpartners en het delen van informatie heeft gewoon heel veel toegevoegde waarde in het kader van een strafzaak. Immers is er alleen dan een maatschappelijk effect te verkrijgen indien er een systeemaanpak plaatsvindt in het leven van die verdachte. Alleen straffen is niet voldoende. Alleen straffen leidt niet tot verminderde recidive. Laten we wel wezen; als een veroordeelde uit de gevangenis komt zal hij of zij toch echt wel een huis moeten hebben. En gedurende diens detentie kan er veel in gang gezet worden om de context van het leven van die veroordeelde aan te pakken.

Er ligt dan een wezenlijke rol voor de partners uit zorg- of sociaal domein. Die zijn, naast de OvJ, aan zet. Dat besef, die wetenschap maakt dat een OvJ, elke OvJ, die kant op kan en wil bewegen. In de ene zaak zal dat natuurlijk meer noodzakelijk zijn dan in de andere. Dat spreekt voor zich. Want laten we toegeven, in sommige zaken en ten aanzien van sommige delicten geldt dat de straf toch echt wel het belangrijkste element van aanpak zal (moeten) zijn.”

Wat moet je op orde hebben in de samenwerking voor een goede persoonsgerichte aanpak bij verdachten met problematiek op een of meerdere leefgebieden? - Tom Lijffijt, projectcoördinator Straf met Zorg Oost-Brabant -

Wat je goed moet organiseren in de samenwerking is dat er één partij de regie voert over de persoonsgerichte aanpak. De regievoerder zorgt er dan ook voor dat partijen met elkaar afstemmen over de aanpak en betrekt de juiste partijen bij de aanpak. Bij een persoon met multi problematiek zijn vaak diverse partijen betrokken (bijv. gemeente, politie en zorginstellingen). Je handelt als professional vanuit je eigen betrokkenheid en expertise. Dit kan echter wel vele diverse toegespitste interventies opleveren die allemaal naast elkaar lopen.

Dit geldt niet alleen extern naar partners toe, maar ook intern. De kennis en expertise van een specialist gebruiken in een strafzaak kan leiden tot hele andere inzichten. Als professional zijn we soms geneigd om zelf de oplossing te vinden, terwijl juist de portefeuillehouders binnen onze eigen organisatie deze kennis al hebben. Ook brengen zij een waardevol netwerk mee van partners.

Elkaars taal spreken. Meer dan eens merk je dat je langs elkaar heen praat, omdat je eigen organisatie een bepaalde werkwijze heeft die voor de ander totaal onbekend is. Als je elkaars (on)mogelijkheden kent dan communiceert dat makkelijker. Hoe vaak weten we echt wat onze partners precies doen en kunnen? Wie weet bijvoorbeeld hoe een wijkagent te werk gaat in de wijk of kent de wettelijke taken van Veilig Thuis?”

“Vertrouwen in elkaars expertise is absoluut noodzakelijk voor goede samenwerking met de zorgpartners. Als BOPZ-officier werk ik nauw samen met de geneesheer-directeur en in het BOPZ-traject is er wederzijds respect voor elkaars rol.” - Janine Berton -

Wat is cruciaal voor goede samenwerking met zorgpartners uit het sociaal domein?

Janine Berton, landelijk BOPZ-officier:
“Vertrouwen in elkaars expertise is absoluut noodzakelijk voor goede samenwerking met de zorgpartners. Na het rapport Hoekstra heeft het OM veel geïnvesteerd in goede contacten met de zorgpartners. Niet alleen door regelmatig overleg en betere afstemming, maar vooral ook in meer kennis over en begrip voor elkaars werk. Daardoor krijg je beter zicht op de mogelijkheden van toepassing van zorg en word je niet verrast door beperkingen. Als BOPZ-officier werk ik nauw samen met de geneesheer-directeur en in het BOPZ-traject is er wederzijds respect voor elkaars rol. Met de Wvggz (Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg) in zicht is dat een positief uitgangspunt, omdat we op basis van deze nieuwe wet als twee-eenheid functioneren. Als officier heb ik dan vooral een actieve rol in de voorbereiding van verzoeken voor een zorgmachtiging en de geneesheer-directeur op de inhoud van de zorg. Een interessante ontwikkeling daarin is dat de strafrechter op basis van art. 2.3 Wfz (Wet forensische zorg) óók een zorgmachtiging mag gaan afgeven. Dat vraagt opnieuw kijken naar de samenwerking met vertrouwen als uitgangspunt.”

Wat gaat Straf met Zorg voor jou betekenen?

Vanaf 2020 worden de resultaten van het programma Straf met Zorg geïmplementeerd. De parketten kunnen dat in eigen tempo doen en lokaal invullen. Daarvoor kunnen zij verschillende middelen gebruiken die het programma afgelopen jaren ontwikkelde. In de volgende nieuwsbrief Straf met Zorg lees je meer praktische informatie over het vervolgtraject dat loopt tot 2023.

Wil jij de online nieuwsbrief 'Straf met Zorg' in de toekomst ontvangen? Meld je dan aan via strafmetzorg@om.nl.

Wat verdient extra aandacht bij toepassing van het proportionaliteitsbeginsel bij het straffen met zorg?

Rinus Otte, Procureur-Generaal:
“Proportionaliteit is een oeroud (strafvorderlijk) beginsel en een belangrijke leidraad voor ons professioneel handelen. Hoe noodzakelijk de behandeling van een verdachte ook moge zijn, de zwaarte en de duur hiervan moet steeds in balans zijn met de ernst van het feit. Elke straf is daarmee ook onze zorg. Proportionaliteit betekent ook: hoe zwaarder de gedragsinterventie, hoe eerder de zaak naar de strafrechter moet.”